Je bekijkt nu Bermtoerisme

Bermtoerisme

De jaren vijftig en zestig waren een periode van toenemende welvaart. Hét symbool daarvan was de auto. In die tijd ontstond een nieuw vrijetijdsfenomeen: het bermtoerisme.

Autobezit

In de jaren vijftig nam de welvaart in Nederland snel toe en steeds meer mensen konden zich het nieuwe statussymbool, de auto, veroorloven.

Advertentie voor het merk Simca uit 1961

Autobezit

In 1950 waren er in Nederland 139.00 auto’s. In die tijd had 1 op de 72 inwoners een auto. Dat aantal nam snel toenam. In 1965 had al 1 op 12 een auto en in 1969 was dat gestegen naar 1 op de 3.
Ter vergelijk; in 2020 had 1 op de 2 Nederlanders een auto.

Bermtoerisme

Door het toegenomen autobezit ontwikkelde zich een nieuw fenomeen: het bermtoerisme.

Genieten in de berm van het voorbij razende verkeer

Gezinnen gingen een stuk rijden en parkeerden de auto in de berm van één van de grote rijkswegen. Hele families brachten er het weekend kamperend door. Bungalowtenten werden opgezet, compleet met klapstoeltjes, campingtafel en kookplaat.
Een populair tijdverdrijf was het opschrijven van zoveel mogelijk nummerborden.

Jeugdherinnering

Het opschrijven van nummerborden gebeurde vroeger ook in Heel.
In het midden van de zestiger jaren gingen we op woensdagmiddagen met een aantal jongens zitten op de hoek Julianastraat-Heerbaan. We namen dan een kladblok mee, zo’n ouderwetse met houterig papier. De Heerbaan was in die tijd de drukste straat van Heel. Met potlood werden dan de kentekens genoteerd. Na een middagje nummers spotten hadden we een half velletje volgeschreven.”

Zien en gezien worden

Uit onderzoek bleek dat de men in de berm bivakkeerde om het passerende verkeer te bewonderen. Men wilde genieten van de langsrazende auto’s en zich vergapen aan het nieuwe welvaartssymbool. Het was zien en gezien worden.

Het nieuwe statussymbool

Gevaarlijke situaties

Het bermtoerisme leidde natuurlijk tot gevaarlijke situaties. Het Verbond voor Veilig Verkeer startte een campagne met de slagzin: “Doe niet aan bermtoerisme”. Zelfs Koningin Wilhelmina roerde zich, en in haar Nieuwjaarsboodschap van 1955 deed ze een oproep om te stoppen met het recreëren in de berm.

De berm was echter ook een uitkomst voor mensen die beroepshalve veel op de weg waren. Wegrestaurants bestonden nog niet en de berm was hun stop- en uitrustplek.

De overheid nam daarom maatregelen en ging picknickplaatsen langs de rijkswegen aanleggen. Dat waren de voorlopers van de rustplekken die we nu langs de snelwegen aantreffen.

Verbod

In 1965 verbood de overheid om nog langer in de berm te recreëren. Daarmee kwam er officieel een einde aan het bermtoerisme langs de rijkswegen. Langs de kleinere wegen is het fenomeen nog jaren blijven bestaan.

Uiteindelijk was de nieuwigheid eraf. Men raakte gewend aan steeds drukkere verkeer en de vervelende gevolgen ervan, zoals files.

De eerste file

De eerste file in Nederland ontstond in 1955 bij Oudenrijn. Met de fiets gingen inwoners uit de omliggende dorpen naar de imposante rij stilstaande auto’s kijken.

EXTRA

Weetjes

Kentekens

Tot 1951 werden kentekens per provincie uitgegeven. Aan de beginletter kon je zien uit welke provincie de auto kwam. Limburgse kentekens begonnen met de letter P.
Klik HIER voor meer informatie over kentekens.

error: Content is beschermd.